Het leren van de Nederlandse taal was niet moeilijk. Maar ik kreeg dan ook veel hulp van mijn meester en klasgenoten!

Na de drukke periode met de cito- en eindtoets, breekt na de meivakantie een rustige periode aan voor groep 8. ’s Ochtends wordt er nog serieus gerekend en geleerd, maar ’s middags worden de boeken vervangen door spelletjes en knutselwerk. Het zijn de laatste weken op de basisschool voor groep 8. Tijd voor wat meer ontspanning  met elkaar, na een bewogen schooljaar met thuisonderwijs niet meer dan verdiend. Wij vroegen ons af of er al wat spanningen zijn bij de groepachters, nu de middelbare school steeds meer in zicht komt. We gingen in gesprek met Todor (12).

Groepachter Todor uit Vlissingen
©GKA

Hallo Todor! Vertel eens waar je vandaan komt.
Hoi, ik ben Todor en woon in Vlissingen. Ik ga naar basisschool de Ravenstein. Oorspronkelijk kom ik uit Griekenland, maar we zijn drie jaar geleden verhuisd naar Nederland. Mijn hobby is freestyle voetballen.

Freestyle voetballen? Dan viel de gastles van Soufiane Touzani vast in de smaak?
Ja dat was echt vet! Als ik buiten ben met mijn vriend dan proberen we ook altijd onze trucjes te verbeteren. Ik was al fan van hem, maar door zijn verhaal werd ik nog meer geïnspireerd om door te blijven gaan met freestyle voetballen. Zijn rug weerhield hem niet om te voetballen en sindsdien zeg ik ook tegen mijzelf: ‘als hij het kan, dan kan ik het ook!’. Ik herkende mij heel erg in zijn verhalen over dat als je je best doet, je alles kan bereiken later.

“Zijn rug weerhield hem niet om te voetballen en sindsdien zeg ik ook tegen mijzelf: ‘als hij het kan, kan ik het ook!’”

Je zegt dat je nog helemaal niet zo lang in Nederland woont, waarom gingen jullie weg uit Griekenland?
Het werk van mijn ouders was zwaar en het verdiende niet zo goed. Daarom hebben ze besloten om in 2018 in andere landen werk te zoeken. Uiteindelijk kwamen we uit in Nederland, waar mijn ouders nu bij hetzelfde hotel in Vlissingen werken.

Voor iemand die drie jaar in dit land woont, spreek je goed Nederlands. Hoe heb je dat zo snel geleerd?
Van mijn vrienden en klasgenoten! Toen ik in Nederland kwam en voor de eerste keer naar school moest was ik heel erg bang dat ik gepest zou worden omdat ik de taal niet kon spreken. Maar mijn klasgenoten waren echt heel lief en behulpzaam; ze hielpen mij buiten school met Nederlands. Bijna al mijn klasgenoten komen ook uit het buitenland of zijn in Nederland geboren, maar hebben buitenlandse ouders. Iedereen herkende mijn situatie en hielp mij met allerlei dingen. Ook al blijft het af en toe nog steeds lastig.

“Ik was bang dat ik op mijn eerste dag gepest zou worden omdat ik de taal niet kon spreken. Maar mijn klasgenoten waren echt heel lief en behulpzaam!”

Ik kan mij voorstellen dat het thuisonderwijs dat nog eens lastiger maakte, hoe heb je dat ervaren?
Thuis les krijgen was moeilijk en ik ben blij dat ik weer naar school kan. Als je op school bepaalde woorden niet snapt, dan legt de meester dat uit met voorbeelden of je krijgt hulp van klasgenoten. Online is dat heel lastig, omdat je elkaar alleen maar ziet via een webcam. We kregen gelukkig niet heel veel huiswerk boven de online opdrachten, dus de dagen waren niet super lang.

Kreeg je thuis hulp van je ouders?
Bij sommige vakken wel. Thuis praten wij tweetalig; Grieks en Bulgaars. Mijn ouders komen oorspronkelijk uit Bulgarije en zijn later naar Griekenland gegaan, waar ik dus ben geboren. Nederlands kunnen ze niet goed, vooral mijn vader heeft moeite met de taal. Sommige opdrachten vertalen we als ik hulp nodig heb. Maar bij vakken als begrijpend lezen is dat heel moeilijk. Mijn vader kan goed rekenen, maar bij veel opdrachten krijg je ook verhaalsommen, dus ook dat is lastig. Gelukkig bleef mijn meester gewoon heel de dag online voor hulp. Daar konden we ’s middags vragen aan stellen.

“Mijn ouders spreken niet goed Nederlands. Hoewel mijn vader goed is in rekenen, is dat bij verhaalsommen lastig.”

En dan kom je na weken thuisonderwijs weer op school en moet je de eindtoets maken, hoe ging dat?
Dat vond ik wel meevallen, ik had het moeilijker verwacht. Voor de eindtoets heb ik kaderadvies gekregen voor de middelbare school. We hebben nog geen uitslag van de eindtoets, maar ik hoop dat ik nog een iets hoger advies krijg. Toch denk ik dat kader op dit moment het beste bij mij past, want ik moet nog iets beter worden in Nederlands.

Heb je al een idee op welke school je kader gaat doen?
Ik heb gekozen voor de CSW (Christelijke Scholengemeenschap Walcheren) in Vlissingen. Een goede vriend van mij zit daar ook op en helpt mij met veel dingen, dus vond ik het fijn om daar ook naar toe te gaan. De meesten van mijn klasgenoten gaan naar een andere middelbare school. Ik ben zelf nog niet op de school geweest, maar op de video zag het er leuk uit. Ik heb er echt zin in. Vooral omdat ik dan nieuwe vrienden kan ontmoeten!

“Ik heb er echt zin in, vooral omdat ik dan nieuwe vrienden kan ontmoeten!”

Dat is goed om te horen en ik wens je veel succes! Wat gaan jullie de komende tijd nog doen in groep 8?
We krijgen nu ’s ochtends nog les en moeten dan bijvoorbeeld nog sommen maken. ’s Middags gaan we knutselen of leuke dingen doen. Kamp gaat niet meer door met corona, maar we gaan binnenkort wel lasergamen in het bos. Dat mochten we zelf kiezen van de meester. Op die manier hebben we toch nog een beetje een leuk einde met zijn allen.

De oversteek in coronatijd: van groep 8 naar de middelbare school
Het interview met Todor is onderdeel van de campagne ‘De oversteek in coronatijd: van groep 8 naar de middelbare school’. De overgang van de basisschool (po) naar de middelbare school (vo) is een spannende tijd voor zowel groep achters als ouders. Het klaarstomen voor een nieuwe school met een nieuwe klas, terwijl je afscheid neemt van je oude vertrouwde omgeving. Door de coronacrisis is deze overgang alleen maar spannender geworden; leerlingen krijgen in de laatste fase van de basisschool te maken met thuisonderwijs en moeten hun keuze voor de middelbare school baseren op een online video. De komende tijd gaan wij in gesprek met verschillende groepachters uit alle twaalf provincies over hoe zij de oversteek naar de middelbare school momenteel ervaren.