In mijn werk hoor en spreek ik met onderwijsprofessionals, bestuurders en ambtenaren. Ik laat mij daarbij graag voeden door verhalen uit de praktijk. Daarom besloot ik contact op te nemen met Carola Peters, directrice van basisschool het Mozaïek in Arnhem. Haar schoolt presteert ontzettend goed ondanks uitdagingen zoals armoede. Ik liep een dag mee op de locatie aan de Eimerssingel.

Beeld: © GKA

Regiocoördinator Cagri Ekmen

De dag startte met verhaalbegrip. Op de zitplekjes lagen boeken, zodat de kinderen spelenderwijs in aanraking komen met taal en lezen. Er was veel reuring. Ouders liepen mee naar binnen, keken of lazen mee met de kinderen. Zelfs een oma was aanwezig. Een van de jongetjes vertelde razend enthousiast over zijn pasgeboren broertje. Ook zag ik blije meiden die aan het springen waren. Een van hen vertelde met grote vreugde over de henna op haar handen. Het weekend ervoor was namelijk het Suikerfeest (Eid al-Fitr). Na verhaalbegrip gingen we verder met natuur. De juf vertelde over hoe planten groeien en stelde de vraag hoe dat eigenlijk werkt. Dezelfde leerling die eerder over zijn pasgeboren broertje vertelde, was opnieuw zo enthousiast dat hij opsprong, zijn vinger in de lucht stak en het goede antwoord gaf. Daarop kreeg hij een compliment van juf Viatrix. Vervolgens mochten we proeven van de tuinkers die in de klas was gekweekt.

Na groep 1 bracht ik een bezoek aan groep 4 bij juf Lusanne. Ook deze les stond in het teken van natuur. We hadden het over bomen, loofbomen en boomschors. Tijdens deze les kregen de leerlingen de opdracht om een boom te tekenen. Juf Lusanne deed het voor en via het digibord konden de leerlingen meekijken en meedoen. Daarbij stelde zij allerlei vragen over de seizoenen en over waarom bomen eigenlijk boomschors hebben. De leerlingen werkten allemaal keurig op hun werkblad en deden actief mee. Ik deed zelf ook mee en liep langs de tafels om bij de leerlingen te kijken. Sommige leerlingen vroegen wat ik van hun werk vond en wilden ook graag zien wat ik zelf had getekend. De lessen natuur zijn een voorbeeld van thematisch onderwijs waarbij kinderen breed worden gevormd. Dit heet Kennis van de wereld.

Vervolgens ging ik in gesprek met brugfunctionaris Indra Gajadharsing. We maakten kennis met elkaar en tijdens ons gesprek vertelde zij met passie over haar rol. Wat mij daarbij opviel, is dat Indra haar vak met intrinsieke motivatie uitoefent. Zij begrijpt de leefwereld van ouders en kinderen. Vanuit haar expertise weet zij de juiste paden te bewandelen om het verschil te maken voor gezinnen. Dat doet zij onder meer door huisbezoeken af te leggen en gesprekken te voeren met ouders. Daarbij biedt zij een luisterend oor en probeert zij slimme verbindingen te leggen met bijvoorbeeld de gemeente Arnhem, Stichting Leergeld, het Jeugdeducatiefonds of de Dullertsstichting. Ik merkte op dat Indra scherp signaleert wat er speelt en vervolgens kijkt wat zij concreet kan betekenen, bijvoorbeeld bij de aanschaf van een beugel voor een leerling. Het is een uitdagende rol, waarin veel op je afkomt.

Later sprak ik  met Lotte Bergen, projectleider van de Rijke Schooldag. Met de Rijke Schooldag wil het Mozaïek de leefwereld van kinderen verrijken. De activiteiten zijn vervlochten met het curriculum op school. Daardoor is er sprake van doorlopende kennisontwikkeling op het Mozaïek in Arnhem. De Rijke Schooldag bestaat dus niet uit losse activiteiten. Naast het verrijken helpt de Rijke Schooldag om opgedane kennis verder te verinnerlijken. Het aanbieden van lesstof in verschillende vormen versterkt het begrip van de wereld tot basisvaardigheden en andersom. Zo ontstaat er een opeenstapeling van kennis. Het Mozaïek heeft als ambitie om op termijn alle kinderen een verlengde schooldag aan te bieden op maandag, dinsdag, donderdag en vrijdag tot 16.30 uur. De woensdagmiddag staat in het teken van professionalisering  en versterken van vakmanschap.

Het Mozaïek werkt met een duidelijke visie: kinderen moeten hun potentie zo optimaal tot bloei laten komen. Dit doen zij onder meer door consequent te werken aan het cultureel kapitaal. Een concreet voorbeeld hiervan, is het uitgangspunt om één boek per week uit te lezen. Dat zijn veertig boeken per jaar uit de eigen boekencollectie van de school.

De dag werd vervolgd met nieuwkomersonderwijs. Daar werd ik ontvangen door meester Jaap. Hij was met de leerlingen aan de slag met taal, klanken en het uitspreken van zinnen. Dat deed hij onder meer met behulp van pictogrammen. Wat ik erg knap vond, is hoe snel leerlingen de taal oppakken. Ik zag blije kinderen die heel graag willen. Tegelijkertijd gaf meester Jaap aan dat er achter een glimlach ook veel verborgen leed kan schuilgaan. Zo vertelde hij dat een van zijn leerlingen zaken koppelt aan de dood van haar broertje in oorlogsgebied: “Mijn overleden broertje hield ook heel erg van cola.” Dat vond ik indringend en tegelijkertijd indrukwekkend. Het liet mij zien hoe veerkrachtig kinderen uit oorlogssituaties kunnen zijn.

Ik liep het schoolplein op en zag kinderen plezier maken. Vooral de jongens die aan het voetballen waren, trokken mijn aandacht. Het viel mij op hoe goed de jongens konden voetballen. Er stond ook een jongerenwerker van AM-support toe te kijken. De jongerenwerkers organiseren activiteiten en zorgen voor de verbinding tussen de straat, school en thuisomgeving.

Na de pauze ging ik langs bij meester Yannieck in groep 7. De leerlingen hadden al snel door dat ik een buitenstaander was en vroegen meteen wie ik was. Intussen vormden zij een rij om naar het klaslokaal te gaan. Deze les stond opnieuw in het teken van natuur. Meester Yannieck vertelde over zwamvlokken en de matsutake. De leerlingen deden actief mee en konden goed de verbinding leggen met wat zij eerder hadden geleerd. Wat mij gedurende de dag opviel, is dat geleerde lesstof logisch op elkaar aansluit. Zo ontstaat stapeling van kennis en vergroten kinderen hun kennis van de wereld.

Ik sloot de dag af met een gesprek met locatiedirecteur Judith van der Hidde en teamleider nieuwkomersonderwijs Lieke Roelofs. We bespraken met elkaar de indrukken die ik heb opgedaan. Het belang van geloof in eigen kunnen en positieve hoge verwachtingen zijn niet uit te drukken. Ik kwam tot de conclusie dat deze school leerlingen het (zelf)vertrouwen geeft om te zijn wie ze willen worden. Want ieder talent doet er toe, en ieder verloren talent is er één te veel, zoals El Hadioui het verwoordde: ‘’Het verspillen van je talent is het ergste wat je in je leven kan overkomen’’.

Cagri Ekmen - Regiocoördinator