In ’s-Hertogenbosch bundelen scholen, gemeente en maatschappelijke partners hun krachten binnen Talent Ontdekken en Plezier (TOP-tijd). Het programma biedt leerlingen van onder andere de Bossche Vakschool, Van Maerlant, Praktijkschool de Rijzert, Yuverta VMBO en de Internationale Schakelklassen (ISK) de kans om hun talenten te ontdekken, zich breder te ontwikkelen en met meer zelfvertrouwen de toekomst in te stappen.

In ’s-Hertogenbosch werken scholen, gemeente en maatschappelijke partners al jaren intensief samen aan gelijke kansen voor álle kinderen. Want, zo is de visie in Den Bosch: ieder kind heeft het recht zich breed te ontwikkelen. Daarom is er gemeenschappelijk onderwijs en ontwikkelbeleid onder de vlag van Talent Ontdekken en Plezier (TOP-tijd): een programma dat leerlingen buiten de les de ruimte geeft om talenten te ontdekken, zelfvertrouwen te ontwikkelen en plezier te beleven aan leren.

Bij deze Bossche VO-scholen vormt TOP-tijd een stevige schakel tussen onderwijs, welzijn en cultuur. ‘Soms lijkt het gewoon plezier, maar ondertussen leren ze heel veel’, zegt Kim, projectleider kansengelijkheid bij de gemeente ’s-Hertogenbosch en één van de kartrekkers van de lokale coalitie.

Gezamenlijke aanpak voor grote uitdagingen

Het fundament voor TOP-tijd werd gelegd in 2022, toen de eerste School & Omgeving-subsidie beschikbaar kwam. ‘Wij - de scholen, gemeente en lokale partners - hebben toen meteen gezegd: dit doen we sámen’, vertelt Zoé, onderwijskundig projectleider die de samenwerking tussen Van Maerlant, de Bossche Vakschool en de ISK  coördineert. Ze heeft geen onderwijsgevende taken, maar werkt als projectleider op verschillende projecten in het kader van kansengelijkheid.

De scholen konden voortbouwen op eerdere ervaringen, zoals de Bossche Talent School, ontstaan tijdens de coronaperiode in samenwerking met studenten van Avans Hogeschool en jongerenwerk073. ‘Daar zagen we hoe waardevol het is om leerlingen buiten het reguliere lesprogramma te laten ontdekken wie ze zijn’, zegt Marelle, directeur van de Bossche Vakschool en de ISK. ‘Die ervaring namen we mee naar TOP-tijd.’

"Soms schuurt het, bijvoorbeeld bij de verdeling van uren of budgetten, maar we lossen dat samen op. Dat vertrouwen maakt dat het werkt"

Eén visie, één integraal programma

In Den Bosch is talentontwikkeling verdeeld over verschillende projecten, maar deze worden vanuit één holistische visie bekeken en TOP-tijd genoemd. De gemeente stelt het kader, scholen vullen het lokaal in en partners brengen hun expertise in. ‘Wij vinden dat elk kind het recht heeft om zich breed te ontwikkelen’, legt Kim uit. ‘Niet alleen binnen schooltijd, maar ook daarbuiten. Zodat ze later kunnen zeggen: ik heb iets in mijn rugzak waarmee ik de wereld in kan stappen.’

In de praktijk heeft elke school een eigen TOP-tijdmedewerker. Deze TOP-tijdwerker is het vaste gezicht op school en kent de kinderen. Terwijl Zoé de verbinding tussen de scholen bewaakt. Zij stemt de inzet van subsidies af, voorkomt overlap en zorgt dat activiteiten elkaar aanvullen. ‘We zetten de middelen van School & Omgeving en andere middelen gericht op gelijke kansen in voor één gezamenlijk aanbod’, vertelt ze. ‘Dat scheelt niet alleen in administratie, maar zorgt ook dat het programma één geheel vormt.’

Po en vo: andere noden, hetzelfde doel

Binnen de coalitie werken ook basisscholen mee aan TOP-tijd, waaronder Basisschool Nour. Daar ligt de nadruk op welbevinden, ouderbetrokkenheid en cultuur sensitieve invulling.

In het voortgezet onderwijs en de ISK verschuift de focus naar persoonlijke groei, burgerschap en toekomstperspectief. ‘Bij onze leerlingen spelen andere vragen’, legt Marelle uit. ‘Ze zoeken hun plek in de maatschappij, willen weten waar ze goed in zijn en ervaren soms drempels richting vervolgonderwijs of werk. TOP-tijd helpt ze om daarin te groeien.’

Zoé ziet ook verschillen in organisatie: ‘Deze vo-scholen hebben ervoor gekozen om het niet bij een docent in taakuren te beleggen, maar door een projectleider aan te stellen die meerdere gesubsidieerde onderwijsprojecten coördineert binnen de scholengroep. Dat leidt tot een andere behoefte in ondersteuning door de gemeente, bijvoorbeeld bij administratie of contact met aanbieders. Kim: ‘Dat is ook kansengelijkheid. Niet alleen voor de kinderen, maar ook voor de scholen die met verschillende startposities werken.’

Brede samenwerking als kracht

De Bossche aanpak rust op partnerschap. Zo heeft de gemeente ook een rol in het maken van afspraken met aanbieders in Den Bosch over hun prijzen. Om te voorkomen dat lokale activiteitenaanbieders de prijs opdrijven voert de gemeente dit gesprek. ‘Want’, is de logische verklaring van Kim, ‘het is en blijft gemeenschapsgeld.’

Jongerenwerk, Stichting Leergeld, Jeugdfonds Sport en Cultuur, sportverenigingen, welzijnsorganisaties en culturele instellingen zijn structureel betrokken. De lijnen zijn kort: wie iets nieuws wil proberen, stapt letterlijk even binnen. ‘De TOP-tijdwerkers en het schooljongerenwerk kennen de kinderen persoonlijk en weten wat er speelt’, zegt Marelle. ‘Daardoor sluit het aanbod echt aan bij hun leefwereld. En omdat iedereen elkaar kent, kun je snel schakelen.’

Ook scholen leren onderling van elkaar. Zoé: ‘We hebben het niet over elkaars leerlingen, maar over ónze kinderen. Soms schuurt het, bijvoorbeeld bij de verdeling van uren of budgetten, maar we lossen dat samen op. Dat vertrouwen maakt dat het werkt.’

Van verrijkt aanbod op school naar meedoen in wijk

Maar ook is er meer doorstroom van kinderen van verrijkte activiteiten naar verenigingen in de buurt. ‘TOP-tijdwerkers organiseren verrijkte activiteiten. Als zij zien dat een kind wat heeft met muziek, dan leggen zij contact voor de financiering van een vervolgtraject bij een muziekaanbieder in de stad. De brugfunctionaris helpt dan met het inschrijven van het kind.’

Om kwaliteit en duurzaamheid te waarborgen, werkt de gemeente aan een aparte kwaliteitsmedewerker binnen het team Gelijke Kansen. ‘Zo kunnen we jaarlijks evalueren wat goed gaat en waar verbetering nodig is’, vertelt Kim. ‘We willen weten wat leerlingen ervan vinden en of we de doelen ook écht bereiken.’ Elke school houdt bovendien nauwkeurig bij welke kinderen deelnemen, welke activiteiten het meeste effect hebben en of er doorstroom plaatsvindt.

De gemeente heeft ook de monitoring opgezet. Die monitoring maakt zichtbaar waar extra begeleiding nodig is en helpt bij de verantwoording van subsidies. ‘We zien dat het helpt om vroeg te signaleren’, zegt Zoé. ‘Als een kind structureel afhaakt, weten we sneller wat er speelt.’ Ook wordt al nagedacht over borging. ‘Subsidies zijn tijdelijk en veranderen’, zegt Marelle. ‘We moeten dus nu al kijken wanneer een subsidie afloopt en wat er dan als alternatief voor in de plaats komt. Sommige onderdelen zijn zo waardevol dat we ze niet meer kwijt willen.’

"We bouwen aan structureels, waarin leren, ontmoeten en ontwikkelen vanzelfsprekend bij de schooldag horen"

Lerende coalitie

De kracht van de Bossche coalitie zit in de open cultuur. Partners komen regelmatig samen om ervaringen uit te wisselen en dilemma’s te bespreken. ‘We zijn niet bang om te zeggen dat iets niet lukt’, vertelt Marelle. ‘Juist daardoor blijven we leren. De één weet veel van sport, de ander van welzijn of cultuur — samen maken we het sterker.’ Ook op bestuurlijk niveau groeit het besef dat kansengelijkheid geen tijdelijk project is maar een werkwijze. ‘Het vraagt blijvende aandacht’, zegt Kim. ‘Je kunt het niet in één subsidieperiode regelen. Daarom bouwen we aan iets structureels, waarin leren, ontmoeten en ontwikkelen vanzelfsprekend bij de schooldag horen.’

De gemeente is regisseur, verbinder en kwaliteitsbewaker. Ze bewaakt de gezamenlijke visie, ondersteunt scholen, monitort resultaten én zorgt dat School & Omgeving onderdeel wordt van één brede, duurzame aanpak voor Bossche kinderen. De gemeente speelt een centrale en verbindende rol in TOP-tijd die bestaat uit:

1. Gezamenlijke visie & richting

  • Formeert met scholen en partners één integrale visie op kansengelijkheid.
  • Bewaakt samenhang tussen alle programma’s voor onderwijs, ontwikkeling en welzijn.
  • Werkt vanuit het uitgangspunt: ieder kind heeft recht op brede ontwikkeling.

2. Monitoring & kwaliteitsbewaking

  • Richt de monitoring in: deelname, effect, doorstroom en signalen.
  • Maakt zichtbaar waar extra ondersteuning of bijsturing nodig is.
  • Werkt aan een vaste kwaliteitsmedewerker binnen Gelijke Kansen voor structurele borging.

3. Ondersteuning van scholen

  • Biedt praktische ondersteuning, vooral aan basisscholen met minder capaciteit.
    Bijvoorbeeld bij administratie, contact met aanbieders en inzet van middelen.
  • Helpt bij de afstemming van subsidies, zodat scholen zich kunnen richten op inhoud.

4. Verbinden van partners

  • Legt afspraken vast met lokale aanbieders (zoals prijsafspraken).
  • Voorkomt versnippering door partijen samen te brengen en overlap te voorkomen.
  • Stimuleert doorlopende samenwerking tussen onderwijs, welzijn, sport en cultuur.

5. Integratie van School & Omgeving

  • Zorgt dat School & Omgeving niet los staat, maar ingebed is in het bredere Bossche kansengelijkheidsbeleid.
  • Bundelt middelen (School & Omgeving + gemeentelijke Gelijke Kansenmiddelen) tot één gezamenlijk aanbod.

Tips voor andere coalities

  • Zorg voor één gezamenlijke visie: werk vanuit hetzelfde doel: de bedoeling. De losse projecten zijn een uitwerking vanuit dit doel.
  • Bouw aan vertrouwen en eigenaarschap: geef scholen en partners ruimte om vanuit hun eigen kracht te werken.
  • Borg kwaliteit vanaf de start: monitor, evalueer en verbeter continu.
  • Maak gebruik van elkaars expertise: onderwijs, welzijn en cultuur versterken elkaar.
  • Blijf klein beginnen, maar denk groot: groei pas als de basis stevig staat.