Deze studie toets of het gemakkelijk aanbieden van informatie die eenvoudig te analyseren is, resulteert in betere schoolkeuzes van families met een lage sociaal-economische achtergrond. Door het direct aanbieden van een infosheet van 1 A4 kiezen ouders significant vaker voor beter presterende scholen. De impact van de informatie was het grootst voor families die in de buurt woonden van goed presterende scholen.

Over het onderzoek naar schoolkeuze verbeteren

  • School: PO/VO
  • Evidentie: gerandomiseerd experiment
  • Locatie: Verenigde Staten
  • Bron: Hastings, J. S., & Weinstein, J. M. (2007). Information, school choice, and academic achievement: Evidence from two experiments (No. w13623). National Bureau of Economic Research.

Achtergrond

Families met een lage sociaal-economische achtergrond hechten minder waarde aan de academische prestaties van een school bij het kiezen van een school. Dit zou kunnen komen doordat ze lagere verwachtingen hebben van het leerpotentieel van hun kinderen.

Een andere mogelijke oorzaak zou kunnen zijn dat ze juist wel willen beslissen op basis van de academische prestaties van een school, maar dat het voor hen lastiger en kostbaarder is om dit uit te zoeken. Als dat het geval is, kan overheidsbeleid dat zich richt op het gemakkelijker aanbieden van informatie die eenvoudig te analyseren is resulteren in betere keuzes van families met een lage sociaal-economische achtergrond. Deze studie toetst of dat het geval is.

Doelgroep

Deze studie richt zich specifiek op families met een lage sociaal-economische achtergrond. Er werd informatie over elementary schools, middle schools en high schools verstrekt. Dit is vergelijkbaar met het scholen in het Nederlandse primair en voortgezet onderwijs.

Interventie

De interventie bestond uit het aanbieden van simpele overzichten van de prestaties van scholen. Op één A4 werden de scholen gerangschikt op academische prestaties en het A4 bevatte enkel informatie over  scholen die relevant waren voor het betreffende kind (bijvoorbeeld door rekening te houden met de reisafstand).

De controlegroep ontving geen directe informatie, behalve scholen die onder de No Child Left Behind Act (NCLB) vielen. Dit zijn laagpresterende scholen. Leerlingen op deze scholen hebben het recht om naar betere scholen over te stappen en krijgen hiervoor informatie toegereikt. Deze informatie bestaat uit drie pagina’s waarop alle scholen van het district op alfabetische volgorde geordend staan, met daarbij de testscores vermeld.

Er zijn dus vier groepen in dit experiment:

  1.  interventiegroep niet-NCLB (1 A4);
  2. interventiegroep NLCB (3 A4 + als interventie 1 A4);
  3. controlegroep niet-NLCB (geen directe informatie);
  4. controlegroep NLCB (3 A4).

Voor alle groepen is het mogelijk om zelfstandig informatie op te zoeken in een online bundel bestaande uit meer dan 100 pagina’s.

Resultaten

Bij de niet-NCLB groep, waar de controlegroep geen directe informatie ontving, had de interventie een significante impact op de keuzes. Het ontvangen van informatie over de prestaties van de scholen deed de het percentage van de ouders dat een betere school koos stijgen met 7 procentpunt (38% ten opzichte van 31% in de controlegroep). De impact van informatie was het grootst voor families die in de buurt woonden van goed presterende scholen. In de niet-NCLB groep reageerden ouders dus op de informatie door voor alternatieve scholen met significant betere academische prestaties te kiezen.

Voor de wel-NCLB groep bleek de kortere, eenvoudigere informatie geen effect te hebben. Dit wekt de suggestie dat het aanbieden van goede, duidelijke statistieken, die goed getimed zijn voor het moment van kiezen, het meeste effect hebben en dat de exacte vorm weinig verschil maakt.