Leerlingen die drie maal per week al bewegend taal- en rekenles krijgen, kunnen beter rekenen en spellen. Al na twee jaar boeken zij een leerwinst van 5 maanden. Bovendien concentreren studenten zich na de Fit & Vaardigles beter op hun taken in de daaropvolgende les. Achterstandsstudenten blijken te profiteren van deze interventie en daarmee kan de methode bijdragen aan het verkleinen van de prestatiekloof die al decennia bestaat tussen achterstandsleerlingen en andere leerlingen.

Over het onderzoek naar bewegend taal- en rekenles

  • School: PO
  • Evidentie: gerandomiseerd experiment
  • Locatie: Nederland
  • Bron: Hartman, E., de Greeff, J.W., Verburgh, L., Meijer, A., van der Fels, I.M.J., …, Visscher, C. (2015). Effecten van fysieke activiteit op cognitie en de hersenen van kinderen in het primair onderwijs. 

Achtergrond

Bewegen in het klaslokaal en tegelijkertijd rekensommen oplossen; het is een innovatieve onderwijsmethode die het beeld van stilzittende kinderen in de klas doorbreekt. Deze manier van onderwijs kan een goede manier zijn om de schoolprestaties van kinderen te verbeteren en draagt bovendien bij aan de dagelijkse hoeveelheid fysieke activiteit. Op een reguliere dag zijn basisschoolstudenten 4 tot 6 uur in het klaslokaal. Het grootste gedeelte van die tijd zitten ze stil. Deze studie onderzoekt de effectiviteit van Fit en Vaardig op school op de leerprestaties, executieve functies en fitheid.

Doelgroep

De interventie 'fit en vaardig' werd gegeven aan kinderen in groep 4, 5, 6 en 7 van de basisschool.

Interventie

Kinderen in de interventiegroep krijgen Fit en Vaardig (F&V) lessen. Tijdens elke les wordt 10-15 minuten aan rekenen en 10-15 minuten aan taal besteed. Het niveau van de lesstof sluit aan bij de Nederlandse reken- en taalmethodes (groep 4, 5, 6, en 7 van de basisschool). De nadruk ligt op het automatiseren herhalen van lesstof. Aan het begin van elke les staan de kinderen naast of achter hun tafel en starten met de basisbeweging. Daarna volgt een korte introductie met uitleg over de les. Op het digitale schoolbord worden de fysieke oefeningen en de taal- en rekenopdrachten gevisualiseerd. De fysieke oefeningen bestaan uit oefenbewegingen en basisbewegingen. Door het uitvoeren van deze oefenbewegingen geven kinderen antwoord op een reken- of taalopgave. Zo spellen ze een woord door een sprong te maken bij elke uitgesproken letter. Tussen de oefenbewegingen door voeren ze de basisbeweging uit. Elke les eindigt met een afsluiting waarin de geoefende lesstof nog eens aan bod komt.

Resultaten

De resultaten van het onderzoek laten zien dat de kinderen meteen na een F&V-les meer aandacht voor hun taak hebben dan na een gewone les. Een belangrijk punt, want taakgerichtheid is een voorspeller van schoolvaardigheden. Na één jaar blijkt dat de kinderen die mee hebben gedaan aan de interventie significant meer vooruit zijn gegaan op rekenvaardigheid dan de kinderen in de controlegroep. Na twee jaar blijkt de rekenvaardigheid nog steeds meer vooruit te gaan en blijkt de spellingsvaardigheid ook meer vooruit te zijn gegaan. Voorlopige effectgroottes laten zien dat de kinderen die twee jaar lang deel hebben genomen aan de F&V lessen in vergelijking met de controlegroep een extra leerwinst van 5 maanden op zowel rekenen als spelling hebben behaald. Ook achterstandsleerlingen blijken te profiteren van de lessen en daarmee kan de methode bijdragen aan het verkleinen van de prestatiekloof die er al decennia is tussen achterstandsleerlingen en andere leerlingen.

Hoort bij