Attribution Therapy Revisited

Deze studie demonstreert dat attributietherapie succesvol kan zijn als met bepaalde bevindingen uit de sociale cognitie rekening gehouden wordt. In deze studie wordt niet aangemoedigd om het probleem toe te delen aan een externe oorzaak in plaats van een interne oorzaak, maar aan een tijdelijk oorzaak in plaats van een permanente oorzaak. Door het geven van informatie die indiceerde dat academische problemen gedurende het eerste jaar slechts tijdelijk waren, verbeterden hun leerprestaties en daalden het percentage dat uitviel.

School
HO
Leeftijd
18-19 jaar
Evidentie
Randomized controlled trial (RCT)
Locatie
North Carolina, VS
Website
http://www.people.virginia.edu/~tdw/wilson.linville.1982.pdf

Wilson, T. D., & Linville, P. W. (1982). Improving the academic performance of college freshmen: Attribution therapy revisited. Journal of personality and social psychology, 42(2), 367.

Achtergrond

Attributietherapie is een theorie uit de sociale pyschologie die de wijze waarop mensen het gedrag van zichzelf en anderen verklaren in termen van oorzaak en gevolg, en hoe dit van invloed is op hun motivatie en prestaties, wil begrijpen. Vaak wordt het gebruikt wanneer mensen gedragsproblemen hebben en deze problemen aan kleinerende interne oorzaken wijten. Deze mensen worden aangemoedigd om hun problemen toe te delen aan een externe oorzaken in plaats van aan interne oorzaken. Deze studie demonstreert dat de attributietherapie succesvol kan zijn als met bepaalde bevindingen uit de sociale cognitie rekening gehouden wordt. In deze studie wordt niet aangemoedigd om het probleem toe te delen aan een externe oorzaak in plaats van een interne oorzaak, maar aan een tijdelijk oorzaak in plaats van een permanente oorzaak.

Doelgroep

De interventie werd toegepast op studenten die bezorgd waren over hun prestaties, laag presteerden en die een negatief beeld hadden hierover.

Interventie

Deze interventie richtte zich op eerstejaars universiteitsstudenten die bezorgd waren over hun academische prestaties. Het experiment had een 2 (informatie over grade point average(GPA), geen informatie over GPA) x 2 (oorzaken conditie, geen oorzaken conditie) design en bestond dus uit vier groepen. De participanten in de informatieconditie kregen statistische data te zien en video’s van ouderejaars waarin zij vertelden dat de meeste eerstejaars hun cijfers verbeterden naarmate de tijd vorderde. De participanten die in de oorzaken conditie zaten, werd gevraagd om een lijst met redenen op te schrijven waarom het GPA van eerstejaars gedurende het jaar verbeterden en met welke van die genoemde oorzaken zij zelf te maken hadden.

Resultaten

Door het geven van informatie die indiceerde dat academische problemen gedurende het eerste jaar slechts tijdelijk waren, steeg hun prestaties op graduate record exam (GRE) items met 12 procentpunt (70% ten opzichte van 58% in de controlegroep). Daarnaast daalde het percentage dat uitviel met 20 procentpunt (5% ten opzichte van 25% in de controlegroep). Tot slot resulteerde de interventie in een grotere verbetering van het GPA een jaar later. In de interventiegroep steeg het met 0,34 punt (van 2.58 naar 2.92 GPA), terwijl de studenten in de controle geen stijging hadden (van 2.87 naar 2.82 GPA).